Koren- en pelmolen Hollands Welvaart

Koren- en pelmolen Hollands Welvaart

Mensingeweer

Het verhaal

Helenius ten Have was molenmaker in Mensingeweer en toen in 1855 de belasting op het gemaal afgeschaft werd bouwde hij een achtkante koren- en pelmolen met stelling zonder daarvoor opdracht te hebben gekregen. Hij verkreeg onder beklemming (een soort erfpacht) hiervoor een stuk grond van de Hervormde Gemeente Mensingeweer. De beklemming is tot op de dag van vandaag gebleven op het grondstuk van het molenaarshuis, dat een jaar na de bouw van de molen in 1856 werd gebouwd. De beklemming op het grondstuk van de molen is door de burgemeester na aankoop van de molen afgekocht. Na enkele jaren was het financieel kennelijk voor Ten Have voordelig om de molen te verkopen en zo verkocht hij in 1857 de molen waarschijnlijk aan Pieter Welt uit Usquert die op zijn beurt de molen verhuurde aan Enne Pieters Tillema. De familie Welt was ook eigenaar van de koren- en pelmolen Eva in Usquert die zij eveneens niet zelf exploiteerden, maar verhuurden aan een molenaar. Ten Have bouwde na de Hollands Welvaart onder andere ook in 1857 de poldermolen van de Onnerpolder bij Onnen (De Biks) en in 1862 de Veurste Meuln in Eenrum (de huidige korenmolen De Lelie).

Dat het met de Mensingeweerster molen goed ging was ook af te leiden uit het feit dat vermoedelijk in 1918 de naam Hollands Welvaart aan de molen werd toegekend. Gezien de in die tijd levende nationalistische gevoelens, waar de Eerste Wereldoorlog in feite een gevolg van was, ligt het voor de hand dat men voor deze naam gekozen heeft. Hendrik Spoelman, die eerst als molenaarsknecht bij Offeringa op De Jonge Hendrik in Den Andel werkzaam was, kocht Hollands Welvaart in 1934. Zijn zoon Geert Hendrik (1927-2014) hielp hem vanaf jonge leeftijd mee en was onder andere vier jaar lang in dienst bij molenaar H. de Groot op de koren- en pelmolen Joeswert in Feerwerd. Spoelman vertelde zelf dat hij op veertienjarige leeftijd al alleen met de molen maalde en op zijn zestiende ook zelfstandig kon pellen. Pa Spoelman was ondertussen ‘overal en nergens’. In de Tweede Wereldoorlog wekte de jonge Geert Spoelman elektriciteit op met een kleine generator die door een fietswiel op de aandrijfas van de grote elevator werd aangedreven. Dit fietswiel is nog altijd op de ‘takrad’-zolder van de molen te vinden. Voor het opwekken van de stroom nam Spoelman
’s ochtends een kistje met een accu mee de molen in. Met een oude schakelbak van een vrachtwagen en een generator kon hij de accu met 14 ampère opladen. ’s Avonds ging het kistje mee naar beneden en kon de familie Spoelman met een lampje prima de krant lezen.

Geert Spoelman verkocht de molen in 1969 aan de toenmalige gemeente Leens, hij bleef de molen echter nog lange tijd huren. Bij een restauratie in 1970-’71 verdween de zelfzwichting, maar werden wel fokwieken aangebracht. In 2000 volgde een tweede restauratie. Ondertussen waren vrijwillige molenaars Spoelman gaan assisteren. Na de opening van de molen in 2001 werd Spoelman ‘molenaar in ruste’, hij bleef echter tot zijn overlijden in het huis naast de molen wonen. Sinds een aantal jaren biedt de onderbouw van de molen onderdak aan theeschenkerij In de Malle Molen die op zon- en feestdagen geopend is, de molen wordt dan door vrijwillige molenaars in bedrijf gesteld.

Uit het archief

Een overzicht van documenten en afbeeldingen uit onze database:

AfbeeldingenDocumenten
Dubbeltik om de kaart actief te maken

Molengegevens

Adres: Molenweg 10, Mensingeweer
Functie: korenmolen, pelmolen
Type: achtkante stellingmolen
Bouwjaar: 1855
Ten Bruggencatenummer: 00482
Koren- en pelmolen Hollands Welvaart